Koen Saris

Koen Saris
,,Eigenlijk hebben we best wel een sexy imago. We zorgen voor een mooi, dankbaar en sympathiek product.’’ Rozenteler Koen Saris heeft andere zorgen. De concurrentie uit landen als Kenia en Ethiopië, waar de bloemensector bezig is met een inhaalslag.
,,Het kwaliteitsverschil wordt kleiner. De loonkosten zijn veel lager. En de handel heeft het ook niet gemakkelijk. Die kiest vaker voor goedkoper en dan maar minder kwaliteit.’’ Daarom is Koen constant op zoek naar nieuwe producten, andere rassen en technieken om de voorsprong op de Afrikaanse importeurs weer uit te bouwen.”

Wat zijn de huidige wapens van Saris in die concurrentiestrijd? ,,Constante, hoge kwaliteit. En dat het hele jaar rond. De import uit Afrika vertoont toch kwaliteitsschommelingen. Innovatie en duurzaamheid zijn ook van belang voor je concurrentiepositie. We zorgen zelf voor een deel van de stroomvoorziening en we doen aan biologische gewasbescherming; de bestrijding van spint bijvoorbeeld.’’

Saris Rozen produceert elke dag circa 35.000 rozen van het ras Grand Prix. Het bedrijf telt zo’n dertig medewerkers, voor een deel uitzendkrachten. De sfeer op de werkvloer vindt Koen uiterst belangrijk. ,,Kwaliteit krijg je ook door mentaliteit. Betrokkenheid en liefde voor het vak van het personeel.’’

De jaarproductie op het bedrijf van bijna vijf hectaren is twaalf miljoen rozen. Landelijk is Saris daarmee een prima middenmotor. Via Veiling Rhein-Maas gaat het grootste deel van die gigantische rozenzee naar Duitsland. ,,Onze rozen zijn ’s morgens op de veiling en ’s avonds al te koop in Berlijn. Maar onze rozen komen via de handel ook in landen als Frankrijk en België. De combinatie van Greenport, de Floriade en onze prima logistieke positie, betekent dat de bloemtelers in het Westland het langzaam maar zeker benauwd krijgen. Deze regio is hard op weg naar de absolute top”, aldus Koen Saris.

Koen Saris is ook realist. ,,Over tien jaar zullen we wis en zeker nog rozen produceren, maar wellicht in combinatie met een ander sierteeltproduct. Tuin- en terrasplanten bijvoorbeeld.’’ De LLTB vindt hij van groot belang voor de bloemensector. ,,Denk alleen maar eens aan de mogelijkheid om met andere telers kennis te delen over onderzoeken en innovatie. Denk ook aan ruimtelijke ontwikkelingen voor de land- en tuinbouw.”