Achtergrond
Na de overstromingen van de Maas in 1993 en 1995 stelde de regering in 1995 het Deltaplan Grote Rivieren vast, met als doel een verbeterde bescherming tegen hoogwater. Het plan voorzag in de aanleg van dijken en kaden (eerste stap), maar ook in een verruiming van de afvoercapaciteit van de Maas (tweede stap). Voor de realisatie van deze tweede stap van het Deltaplan Grote Rivieren hebben het ministerie van Verkeer en Waterstaat, de provincie Limburg en het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit een bestuursovereenkomst gesloten, waaruit projectorganisatie De Maaswerken (tegenwoordig Rijkswaterstaat Maaswerken) is ontstaan. Hoofdopdracht van Rijkswaterstaat Maaswerken is bescherming van de gebieden achter de kaden tot een niveau van 1:250 per jaar. Daarnaast heeft Rijkswaterstaat Maaswerken ook tot doelstellingen om de scheepvaartroute over de Maas te verbeteren, natuur te ontwikkelen in het Maasdal en circa 52 miljoen ton grind te winnen tussen Maastricht en Roosteren.
Stand van zaken
Na jaren van planvorming is De Maaswerken thans bezig met de uitvoering van projecten. Daarbij worden drie deelprojecten onderscheiden:
- Zandmaas (tussen Roermond en Den Bosch)
- Grensmaas (het ongestuwde en onbevaarbare deel van de Maas vanaf Maastricht tot Roosteren)
- Maasroute (de vaarroute voor scheepvaartverkeer)
Realisering van de doelen (uitbreiding afvoer- en bergingscapaciteit, natuurontwikkeling en grindwinning) betekent een flinke aanspraak op vruchtbare landbouwgrond in de Maasdalen.
Inzet LLTB
- De LLTB vindt dat er een passende vergoeding moet zijn voor landbouwgrond die door De Maaswerken wordt geclaimd.
- De LLTB vindt dat het realiseren van de natuurdoelen niet zonder meer ten koste mag gaan van het agrarisch grondgebruik.